Daria van den Bercken: ‘Rutte, geef een structurele blijk van liefde voor de kunst’

Al een jaar zijn we in lockdown en het einde lijkt nog lang niet in zicht. Het water staat ons allen in de cultuursector aan de lippen. Pianiste Daria van den Bercken schreef een open brief aan Mark Rutte, met het verzoek om een structurele blijk van liefde voor de kunst. ‘Zodat onze kinderen er ook van kunnen profiteren.’

Daria van den Bercken – 22 maart 2021, Het Parool

Geachte demissionair premier Rutte, Beste Mark,

In de hoedanigheid van zzp’er werkzaam in de podiumkunsten schrijf ik je deze brief. Dit is mijn eerste brief ooit over de situatie van de cultuursector in de coronatijd.

Eerst ter introductie: wij hebben elkaar ontmoet toen ik speciaal voor jou bij het tv-programma Podium Witteman een sonate van Scarlatti speelde, en ook heb ik Händel en Debussy voor jou en Angela Merkel gespeeld op de uitreiking van haar eredoctoraat door de Radboud Universiteit. Ik zie ook steevast mijn Mozart-cd in beeld tijdens de persconferenties vanuit het Torentje op de plank achter je bureau, dus misschien luister je die soms.

Net als bij iedereen in de wereld werkt dit jaar tot diep in mijn eigen leven door. Het beknotte dagelijks leven en het verliezen van al het werk dat wij gewend waren te doen begint te drukken op mij en mijn gezin. Nou zijn wij verder opgeruimd van aard, dus door de onmiddellijke problemen komen we wel heen.

Veel onrustiger ben ik door de onduidelijkheid over onze werktoekomst in de muziek. De culturele staat van Nederland stemt mij heel somber. Al jaren blijf ik pianospelen, ondanks de al tien jaar durende neerwaartse spiraal voor de cultuursector in Nederland. Den Haag geeft mij het gevoel er als musicus niet toe te doen. Ik negeer al jaren dat omineuze gevoel dat de kunsten en cultuur er in Nederland in het algemeen niet meer zoveel toe doen.

Het gevoel ertoe te doen

Ik koos net als anderen het muziekvak vanwege mijn eigen liefde voor muziek en de intense behoefte die muziek te communiceren. Want muziek is het mooiste en intelligentste wezen dat ik ken. Met die keuze hebben landelijke trends en op-of-neergaande spiralen niets te maken.

Maar het gevoel ertoe te doen is essentieel. Dat is de drijfveer om je te blijven ontwikkelen. Om mij heen zag ik de afgelopen jaren zoveel mensen in de cultuursector – zowel aan de uitvoerende als organisatorische kant – bij de eerste bezuinigingen eerst vol goede moed een extra stap zetten om uiteindelijk toch te moeten stoppen. Financiële steun ontbrak.

Er is bijna geen mogelijkheid meer om structureel echt vrij kunstenaarsschap uit te oefenen: zalen en kunstopleidingsinstituten moeten een veel strenger businessmodel of verkort curriculum hebben en dat gaat ten koste van gekke of originele ideeën, van verdieping in de studie. Grotere commerciële instituten als labels en streamingdiensten bepalen de norm.

Over goed onderwijs kan ik een aparte brief schrijven, maar dat het leren kennen van grensverleggende kunst goed is voor de ontwikkeling van een kind hoef ik hopelijk niet uit te leggen. Doordat op basisscholen al decennia structureel goed kunstonderwijs ontbreekt, komen er al jarenlang steeds meer zakelijke mensen op organisatieposten in de cultuur te werken. Posities waar juist cultureel visionaire en onderlegde mensen nodig zijn.

Blinde vlek

‘Doordat op basisscholen al decennia structureel goed kunstonderwijs ontbreekt, komen er steeds meer zakelijke mensen op organisatieposten in de cultuur, waar juist cultureel visionaire en onderlegde mensen nodig zijn.’

Menig cultureel instituut heeft op basis van verdienmodellen en verkoopargumenten moeten schaven. Bedrijven sponsoren culturele initiatieven niet snel: cultuur zegt veel ceo’s niet veel meer, merk ik om mij heen. Die paar die dat wel doen, zijn zeldzaam, laten we hen koesteren.

Het toepassen van het bedrijfsmodelprincipe op de kunsten gebeurt met een blinde vlek. Zo’n model laat je niet los op de makers en uitvoerders van cultuur, zoals nu gebeurt, maar op de ontvangers ervan, de gemeenschap. Doel moet zijn een infrastructuur te creëren die het publiek zó doet houden van de kunst dat het alles wil horen, alles wil leren, altijd verrast wil worden en dit ook door wil geven aan de volgende generatie.

Het feitelijke businessmodel is dat kunst veel bijkomende economische activiteit genereert: van toerisme tot horeca, van advertenties tot eerste bijbaantjes als portier. Maar de basis en het succes van de cultuursector ligt bij de liefde voor kunst, de bereidheid het te laten ontstaan en iets ongeziens en ongehoords te kunnen ontdekken; dat is per definitie niet in een model te vangen.

Een structurele blijk van liefde voor de kunst en cultuur vanuit Den Haag is in Nederland nodig. Implementeer die basis in het onderwijs, verwoord de kracht van kunst en cultuur sterker in het beleid voor de komende jaren. En voer dat uit. Voor de lange termijn, zodat onze kinderen er ook van kunnen profiteren en zich ermee kunnen ontwikkelen op hun levenspad.

Alleen dan kunnen wij als kunstenaars ook artistiek precies dat doen waarvoor we zijn opgeleid en waar we tot diep in onze vezels behoefte aan hebben: voor publiek muziek, dans en theater maken en uitvoeren. Het publiek kan daaruit inspiratie putten voor zijn eigen specialisatie of vakgebied. Het publiek kan dan genieten van de stad waar het in woont, een stad die leeft en bloeit. En dan hoeft niemand het meer over het nut van cultuur te hebben: het is net zo vanzelfsprekend als natuur.

Foto Daria van den Bercken: Sophia van den Hoek

Auteur: Klassiekvannu

Klassiek van nu doet verslag van het muziekleven en fungeert als archief van eerder gepubliceerde artikelen van Thea Derks

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s